« Maximus | Hoofdpagina | Eerste kerstdag »

24 december 2005

Voorbereiding op kerstavond

’s Morgens verkennen we het Sint Pietersplein en omgeving. De voorbereidingen voor de kerstnacht in de St. Pieterskerk zijn al in volle gang. We lopen even verderop naar de Santi Michel e Magno oftewel de ‘kerk van de Friezen’, gesticht door St. Willibrordus. In de namiddag dromen we weg tussen de antiek, kunst en culinaire hoogstandjes van de Campo di Fiori. ’s Avonds gaan we naar de St. Pieter voor de nachtmis die wordt opgedragen door paus Benedictus XVI. We zijn uitgenodigd door Mgr. Heeffer, rector van het Pauselijk Nederlands College, en worden vergezeld door de Nederlandse ambassadeur, mevrouw dr. M. Frank. Het is een indrukwekkende nachtmis met vele verschillende nationaliteiten. De ‘intocht’ van de paus door het lange gangpad van de St. Pieter gaat gepaard met honderden klikkende fototoestellen die de wellicht meest gefotografeerde persoon vastleggen in zijn eerste kerstnacht als Santo Padre. Vele harten gaan open in de kerstnacht van Rome en de tekst ‘Ere zij God en vrede op aarde aan alle mensen van goede wil’ uit een lied van Bach, wordt door velen uit volle overtuiging mee gezongen.

Soms vraag je je af wat het christendom nog betekent in Europa. Natuurlijk, vele honderdduizenden zijn hier bijeen voor de Pontifex, die de hele wereld zegent, maar religieuze gevoeligheid moet natuurlijk niet verwisseld worden met het ware geloof. Ik kan uiteraard niet weten wat de mensen om mij heen in deze basiliek denken, vinden, geloven of voelen. Is het niet zo dat de Europese samenleving christelijker is dan zij van zichzelf denkt? Het geloof is zeker niet verdwenen. In Nederland gaan iedere zondag nog meer mensen naar de kerk dan naar het eredivisievoetbal. Een dominee merkte een dezer dagen op: ’Iedere geboorte is een wonder, maar met Kerstmis is het een zeer bijzonder wonder’.

De pracht en praal van de grote winkels en het kooplustige publiek in de wereldsteden zijn nu even niet belangrijk. Ze vormen een groot contrast met de beleving van de kerstnacht in Rome. Die avond viel mijn blik nog op een artikel in het Duitse weekblad ‘Die Zeit’ met als titel ‘God is niet dood’ met daarbij een gedicht uit 1928 met kritiek op het ongebreidelde consumentengedrag: ‘Brillanten mit Tanten, ein Frack mit was drin, ein Nerzpelz, ein Steinherz, ein Doppelkinn.’

Gepubliceerd door Beheerder om 24 december 2005 09:53