« Rowwen Hèze Limburger van Verdienste | Hoofdpagina | »
19 september 2009
Vuelta en Nederland
Met meer belangstelling is de Vuelta gevolgd, niet alleen in Nederland, maar ook in Spanje. Een prachtige open strijd tussen een nieuwe jonge wielergeneratie en Valverde c.s. Het was bijna gebeurd dat onze nationale Raboploeg van de drie grote rondes er in 2009 twee had kunnen winnen. Robert Gesink koerste op een aanstekelijke wijze, maar moest uiteindelijk het onderspit delven mede veroorzaakt door een onfortuinlijke val. (20-09-09)
Daviscup in Maastricht
Een stormachtig begin van Nederland tegen een onverslaanbaar geacht Frans team. Limburgs talent ontbrak jammer genoeg om de emoties bij het publiek echt los te maken. Dat wordt even iets anders over de Limburg-Limburgse grens. Kim Clijsters doet de harten aldaar sneller kloppen. Wereldtopper van het hoogste niveau! En dat doe je niet af met relativerende opmerkingen over het niveau van haar concurrentie. Over regiobranding gesproken. (19-09-09)
Burgemeestersvacature Maasgouw
Vanwege het vertrek van burgemeester Wilms van Maasgouw per 1 oktober had ik daar een vergadering met de gemeenteraad. In het traject dat leidt tot de invulling van een burgemeestersvacature is de eerste stap de vaststelling van het profiel van de burgemeester. Aan de hand van een ontwerp overleg ik met de raad over de gewenste bestuurstijlen en kwaliteitseisen waaraan een nieuwe burgemeester dient te voldoen. Het overleg met de gemeenteraad van Maasgouw verliep in een goede en zakelijke sfeer. Voor mij was duidelijk dat de raad een burgemeester zoekt met een bindend vermogen voor de nog jonge gemeente Maasgouw, niet alleen binnen de raad en het college maar ook in relatie tot het maatschappelijk middenveld en de regio. Ik heb aandacht gevraagd voor vrouwelijke en jonge kandidaten, een categorie burgemeesters die in onze provincie helaas nog altijd ondervertegenwoordigd is. Ik ben benieuwd hoeveel mensen zich voor deze mooie gemeente kandidaat stellen. Intussen heb ik Ger Kockelkorn tot waarnemer benoemd. (17-09-09)
Ambtsbezoek Nederweert
Op 17 september jl. heb ik ’s ochtends een ambtsbezoek aan de gemeente Nederweert gebracht. De ambtsinstructie schrijft voor dat ik periodiek een bezoek aan gemeenten breng en mij op de hoogte stel van de plaatselijke ontwikkelingen. Het was al weer enkele jaren geleden dat ik aan deze gemeente een ambtsbezoek bracht.
Tijdens het overleg met B&W kreeg ik uitvoerige informatie over het centrumplan, Ik moet zeggen: bijzonder ambitieus. Ook kwam de verkeersproblematiek aan de orde. De N266 die langs de Zuid-Willemsvaart loopt, wordt steeds meer als vluchtroute gebruikt en daar heeft de kern Nederweert-Budschop behoorlijk onder te lijden. Een omleiding, zoals het gemeentebestuur voor ogen staat ter ontlasting van deze N266, heeft in mijn ogen alleen kans van slagen als dit in regionaal verband wordt opgepakt. Tot slot hebben wij van gedachten gewisseld over integriteit en de wijze waarop de gemeente hieraan uitvoering geeft.
Na een gesprek met een vertegenwoordiging van de gemeenteraad, waar o.a. intergemeentelijke samenwerking en eveneens de verkeersproblematiek aan de orde kwamen, en een wandeling door de kern Nederweert, stapte ik met een goed gevoel in de auto richting Maasgouw. (17-09-09)
Declaraties
Het declaratiegedrag en het gebruik van credit cards houdt de gemoederen in Limburg en Nederland bezig. Het heeft mij hoofdbrekens gekost hoe het mogelijk is dat de alertheid van onze eigen organisatie niet voldoende adequaat is geweest. De teugels zijn inmiddels aangetrokken. Beelden die burgers toch al hebben van overheidsbestuurders worden weer eens bevestigd. Ik realiseer mij dat ik in een glazen huis zit en transparant moet zijn. Ik beslis voor mijzelf dat ik het advies van minister Guusje ter Horst overneem en regelmatig melding ga maken van mijn verblijfskosten elders.
Overigens valt het mij op dat in vele regio’s, soms terecht , commotie is ontstaan over het declaratiegedrag van vertegenwoordigers van het Openbaar Bestuur. Terechte verontwaardiging in de publieke opinie heeft echter niet geleid tot een debat hierover in de Tweede Kamer.
De Limburgse pers heeft uitvoerig bericht over de declaraties van Gedeputeerde Staten. Dit gebeurde op grond van de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB). De krant stond niet alleen in het verzoek. Na Engeland, de Rijksoverheid en alle gemeenten hebben diverse media aan alle provinciebesturen inzage gevraagd in declaraties, onkostenvergoedingen en afschriften van creditcards. Het gaat inderdaad om behoorlijke bedragen. Bij veel mensen gaan dan de wenkbrauwen omhoog, gaat het onderbuikgevoel werken. Naar ik denk ten onrechte. Want de declaraties zijn uit te leggen en niet buitensporig. Er is niet gekeken naar de onderliggende reden van grotere bedragen, die zijn te verklaren. Als de media vervolgens bedragen gaan vergelijken tussen bestuurders onderling of met bestuurders van andere provincies dan is dat appels met peren vergelijken.
Het gaat hier niet alleen om regels en de controle daarop. Die moet verbeteren. Het gaat vooral om moraliteit. Daar vestig ik herhaaldelijk de aandacht op. Iedere dag opnieuw moeten bestuurders beseffen dat zij zich dienstbaar moeten opstellen naar (belasting betalende) burgers.
Wij hebben het boetekleed aangetrokken. We nemen maatregelen om toepassing van de regels en controle daarop te verbeteren. Vooraf moet nog zorgvuldiger worden gekeken naar de aard van de declaratie. Ten onrechte uitgekeerde declaraties zijn terugbetaald.
De verschillende WOB-verzoeken en het interne onderzoek dat daar uit volgde hebben louterend gewerkt. Uit oogpunt van transparantie hebben wij besloten de gevraagde gegevens integraal op onze eigen website te publiceren. Daarmee stellen wij ons kwetsbaar op. Je geeft een blik in het dagelijks leven van een bestuurder aan de hand van bonnetjes. De WOB lijkt toch niet bedoeld om bijna voyeuristisch naar bonnetjes te kijken. Toch zijn wij de mening toegedaan dat deze transparantie nodig is. Om aan te geven dat het ons ernst is. We hebben de teugels aangetrokken. Dat mag duidelijk zijn. Maar ook hier geldt het spreekwoord; waar gehakt wordt vallen spaanders. Ik wil wel nuanceren.
Waar gaat het om? Limburgse bestuurders hebben een salaris en een vaste onkostenvergoeding. Daarnaast kunnen ze extra onkosten, zoals vrijwel elke werknemer, declareren. En die onkosten kunnen oplopen. Er worden overigens ook declarabele kosten door bestuurders gemaakt die zij niet declareren.
Door de ligging van Limburg moeten onze bestuurders veel reizen. Ze zijn vaak lang onderweg. Overdag, in de avonduren en in de weekeinden. Het is beslist geen negen tot vijf baan, integendeel. Daarnaast is Limburg een langgerekte provincie die niet alleen in een internationale driehoek ligt, maar ook excentrisch ten opzichte van Den Haag. Dat betekent extra reis- en verblijfkosten. Een bestuurder betaalt in principe bij gelegenheden altijd zelf de rekening. Hij laat zich niet fêteren, door wie dan ook. Onafhankelijkheid hierin is belangrijk. Natuurlijk zijn er individuele verschillen. Of bestuurders onkosten declareren is vooral een verantwoordelijkheid van henzelf. Alleen zij kunnen oordelen of de kosten die ze maken voor zichzelf vanuit hun bestuurlijke positie kunnen verantwoorden. Dat heeft te maken met hun bestuurlijk takenpakket en met de wijze waarop zij in hun netwerken aan de slag zijn. Maar de uitgaven zijn in het belang van de Provincie gedaan.
De ervaringen brengen ons er toe de regelgeving te herijken, zowel qua inrichting als uitvoering. Daar is al opdracht voor gegeven. In dat perspectief willen wij meer één lijn trekken. Maar we moeten ook niet met twee maten gaan meten. Openbaar bestuur zit in een glazen huis. Dat besef is en moet er blijven. Leden van het openbaar bestuur functioneren in krachtenvelden waar zaken moeten worden gedaan.
Wat niet zal veranderen, is het reisgedrag van onze bestuurders. Het belang van de Provincie Limburg en haar inwoners vereist dat zij veel op pad zijn. Limburgse belangen verdedig je niet vanuit de ivoren torens in Maastricht, maar in Den Haag, Brussel tot in Saoedi-Arabië (Sabic) en Japan (NedCar) toe. (16-09-09)
Huldiging OLS-winnaar
De maandag wordt plezierig afgesloten met de huldiging op het Gouvernement van de winnaar van het OLS 2009: schutterij Sint Jan uit Grubbenvorst. Ook de nummers 2 en 3 (Sint Ansfried uit Thorn en Sint Elisabeth uit Stokkem) worden gehuldigd. Veel en terechte waardering is er ook voor de organiserende vereniging in 2009 (de winnaar uit 2008): schutterij Sint Sebastianus uit Neer. Het heeft het dorp Neer gesierd dat ze met zijn allen achter de schutterij zijn gaan staan en dat ze samen een fantastisch feest hebben georganiseerd.
Dat samenwerking ook over de grens van het schuttersveld kan reiken, blijkt uit de wens van de Floriade 2012. Deze organisatie wil haar culturele programma starten op het OLS in Grubbenvorst. Dat zie ik als een fantastische samenwerking tussen traditie en toekomst. De traditie van onze volkscultuur en de toekomst van onze innovatieve tuinbouwkunst.
‘D'n ouwe Limburger’ is een sterk symbool van verbinding, want het is een volksfeest dat zich over heel Oost en West-Limburg uitstrekt. Een feest dat – naargelang wie ‘d’n Um’ wint – hetzij in Nederlands Limburg, hetzij in Belgisch Limburg plaatsvindt. 2010 is weer voor Oost-Limburg, maar de statistieken leren dat de Belgen naar verhouding vaker hebben gewonnen. Ze mogen volgend jaar weer hun best doen.
Iedereen in de beide Limburgen waardeert het OLS, nu de rest van de wereld nog. En daar wordt hard aan gewerkt. Het OLS verdient een eervolle plaats op de UNESCO-lijst voor immaterieel erfgoed. Er is één belangrijk obstakel: Nederland heeft deze conventie nog niet ondertekend. Ook ik heb me er hard voor gemaakt dat dit zo spoedig mogelijk gebeurt. Minister Plasterk heeft aangekondigd nog dit jaar de Tweede Kamer te zullen informeren of hij de UNESCO-conventie wil ondertekenen. En als de conventie eenmaal is getekend, zal de minister met een groslijst komen. Het is zaak daar dan het OLS op te krijgen. Ik zal me hier voor blijven inzetten! (15-09-09)
De week van Prinsjesdag en 65 jaar bevrijding Zuid-Limburg
Een ontluikende traditie op de Amerikaanse begraafplaats in Margraten krijgt gestalte. Een initiatief van de gemeente Margraten, voluit ondersteund door de Provincie. De eerste wat druilerige zondag in september. Exact 65 jaar geleden zette de eerste Amerikaanse militair voet op Limburgse grond. Aan méér dan 8.000 gesneuvelde ‘Atlantische’ militairen die hier begraven liggen, dragen vele Limburgers via het Limburgs Symphonie Orkest Dvořáks requiem op. Dvořák die er als geen ander componist in is geslaagd verbindingen te leggen tussen het Europese continent en de nieuwe wereld. Een gedragen bijeenkomst die méér in het teken staat van troost dan verdriet. Amerikaanse gezagsdragers stellen het initiatief op prijs. Het houdt mij bezig dat de Zuid-Limburgse geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog zo anders is verlopen dan de rest van het land. Noord-Limburg ging 8 maanden langer onder het juk van de nazi’s door. Ook van Noord Limburgse origine is het prachtige boek van Ton van Reen ’Gestolen Jeugd’ over dwangarbeiders. Duizenden Noord-Limburgse mannen en jongens werden 65 jaar geleden ten tijde van de bevrijding in Zuid-Limburg op transport gezet naar Duitsland om daar de ‘krapte op de arbeidsmarkt’ met verlies van bloed, zweet en tranen te compenseren. (13-09-09)
De voorbereiding op Prinsjesdag houdt de gemoederen op lokaal en provinciaal niveau bezig. Al maanden zie ik aankomen dat de in één jaar historisch gegroeide staatsschuld eens zal moeten worden terugbetaald. Aan structurele bezuinigingen op Rijksniveau valt niet te ontkomen. Bedragen van tussen 30 en 40 miljard euro worden genoemd en dat bij een economische groei van 2 %. De (financiële) markt heeft vanwege een gebrekkig ethisch besef en vormen van casinokapitalisme de crisis veroorzaakt. De collectieve sector (zorg, onderwijs, openbaar vervoer) krijgt op termijn de rekening gepresenteerd. Ook provincies en gemeenten zullen de broekriem moeten gaan aanhalen. Ik pleit bij de voorbereiding van de begroting 2010 voor soberheid en méér efficiency en een solide financiële anticipatie op de macro-economische verkenningen. Traagheid in handelen gaat ons in 2011 en daarna opbreken. Het krimpdossier én de Limburgse investeringsagenda (de campussen én Greenport) moeten niet van ons prioriteitenlijstje naar Den Haag geschrapt worden. Dat zou de toekomst van Limburg in het hart raken. (14.09-09)
Gelukkig dat het provinciaal bestuur en de vertegenwoordiging van de gemeenten in Limburg nog scherpere keuzes willen maken. Provincies en gemeenten zullen de komende jaren fors moeten inleveren. Meer dan 15 procent van de budgetten aan reductie op de langere termijn sluit ik niet uit en dat dan structureel. En dan ga ik er van uit dat er een economische groei kan worden ingeboekt van 2 procent per jaar. Kortom onze investeringagenda moet overeind blijven onder het motto 'Limburg werkt aan de toekomst': de Chemelot-campus, de campus Avantis (gezondheidszorg en duurzame energie) en de campus Maastricht (Life en Sciences) zijn naast de ontwikkeling van Greenport Venlo van het grootste belang. De krimp die grote delen van Limburg de eerstkomende jaren in de ban houdt, moet en zal een onderdeel van nationaal beleid worden.(15-09-09)
Prinsjesdag viel oorspronkelijk niet op de derde dinsdag van september, maar op de eerste maandag van november (1814) en tussen 1815 en 1848 op de derde maandag van oktober. In 1848 werd Prinsjesdag verschoven naar de derde maandag in september. Het tijdstip werd vervroegd om het parlement de ruimte te geven bij het behandelen van de begrotingen. Vanaf 1887 is dat nu de derde dinsdag in september, zodat Kamerleden niet op zondag hoefden te reizen. Voor de 14e keer mag ik lijfelijk de troonrede volgen.
De troonrede is overigens geen begrip uit de Grondwet; die spreekt slechts van 'een uiteenzetting van het te voeren beleid'. En het is niet helemaal duidelijk waar de naam Prinsjesdag vandaan komt. Wel weet men dat de verjaardag van de laatste stadhouder, Prins Willem V, ook Prinsjesdag werd genoemd. Om haar Oranjegezindheid te demonstreren vierde de Haagse bevolking op die dag een uitbundig feest. In de loop van de vorige eeuw is dit overgegaan op de jaarlijkse opening van de Staten Generaal. Overigens, wat het feesten betreft valt het best wel mee. De Koningin moest noodgedwongen somberen vanwege het te voeren beleid de eerstkomende jaren. Maar de feestelijke en deftige stemming in de Ridderzaal wordt nauwelijks gevolgd door een Haags volksfeest. Natuurlijk er is van oudsher kermis op het Malieplein en er staan duizenden Nederlanders langs de route waar de gouden koets passeert, maar daarna gaat Den Haag weer gauw over tot de orde van de dag. Ik lunch met twee oud-ministers en twee leden van de Raad van State. Voorspellingen over de houdbaarheidsdatum van het Kabinet en het schipperen tussen daadkracht en polderen voeren de boventoon. Daarna enkele zinvolle ontvangsten bijgewoond en beleidsmakers aangesproken bijvoorbeeld over de ontwikkeling en productie van elektrische auto's waar Limburg, met de aanwezigheid van Nederlands enige grootschalige autofabriek bij NedCar en de nabijheid van de leidende universiteit op dit gebied (RWTH Aken), grote kansen heeft een bijdrage te leveren aan duurzame innovatieve groei. Overigens is onze inzet gericht er alles aan te doen NedCar voor Limburg te behouden. Waarom kunnen overheden in Nederland niet meer Mitsubishi's rijden en daar waar dat kan overstappen op elektrisch aangedreven voertuigen. Waarom niet Limburgse toeleveranciers prikkelen aan te sluiten op de ontwikkeling van elektrisch rijden waardoor het perspectief bij NedCar alleen maar gunstiger wordt. Eind oktober gaat een grote delegatie van het Kabinet onder leiding van de Premier naar Japan. Ik hoop dat 'het project NedCar' prominent op hun agenda prijkt. (15-09-09)
Enige tijd geleden ben ik gestopt met het bijhouden van mijn weblog. Het kostte te veel tijd om actueel te blijven. Een weblog dat maar incidenteel wordt gevuld met gedachten, waarnemingen en de ‘verantwoording’ van waar ik mee bezig ben, doet geen recht aan de groep bezoekers en lezers die je dan moet teleurstellen. Ik weet niet of u mijn periodieke bijdragen hebt gemist, maar ik ben deze uitklapklep voor wat mij persoonlijk of functioneel bezighoudt wel gaan missen. Vandaar dat ik een nieuwe poging waag. De zomer en de vakanties zijn voorbij, het parlementaire jaar gaat weer volop draaien, ook in Limburg, en dat lijkt me een geschikt moment om de draad weer op te pakken.
Uw reactie zie ik graag tegemoet.
Gepubliceerd door Léon Frissen om 19 september 2009 09:10